Wie is Keith?
Keith Armstrong is geboren en getogen in het Noord-Engelse Newcastle upon Tyne, de twin-city van Groningen. Hij werkt daar als dichter, schrijver, bibliothecaris en uitgever. Hij organiseerde ettelijke kunstfestivals en diverse literaire evenementen in Noordoost-Engeland, richtte een poëzietijdschrift op, is betrokken bij verschillende schrijvers- en dichtersgroepen en verzorgt workshops op dit gebied. In 1986 vestigde hij zich als zelfstandig schrijver. Hij promoveerde aan de University of Durham op een onderzoek over de schrijver Jack Common, verwierf een eretitel in de sociologie en verrichtte onderzoek naar de regionale cultuur in Noordoost-Engeland.
Zijn werk is internationaal verspreid en onder meer in het Nederlands, Duits, Russisch, Italiaans, IJslands en Tsjechisch vertaald. Hij treedt in geheel Europa op tijdens dichtersfestivals en verzorgt performances, zoals deze in Haren. In zijn werk heeft hij zich laten inspireren door schrijvers als Hölderlin, Hesse, Brecht, Baudelaire, Prévert, Esenin en Mayakovsky.


Keith Armstrong laat zich inspireren door Haren 850
De Engelse dichter Keith Armstrong heeft op vrijdag 1 oktober in de Dickensroom in Haren het gelegenheidsgedicht dat gewijd is aan ‘850 jaar Thuis in Haren’, voorgedragen Hij schreef het gedicht op uitnodiging van de Commissie Letteren van de Culturele Raad Haren.
THE PLOUGH
(for Haren 850)
We plough on,
bearing the years on our frail backs,
across wide fields,
wild with history.
We carry our paints
and canvases
over the grass,
in order to capture
a moment’s beauty.
We write it down,
we proud poets and local historians,
our vivid past makes our poems wiser.
There is an old bird
flying overhead,
above the windmill of dreams
its beak points towards the distant barn,
showing us where
the ancient wounds are.
We must suffer
over and over again,
850 times if necessary,
in order
to celebrate,
to be able
to dance
along this town’s
narrow streets,
teeming
with memories
of brutal wars,
deaths
and fresh births.
Show me some joyous flowers,
ring tunes on the bell,
and I will show you
the scars of battles.
But today
let us sing
in our old church,
play local hymns
on this fine organ.
With a death-defying love
of our great heritage,
we will feed our little children,
all the joy
in our heartfelt Haren lives.
DE PLOEG
(voor Haren 850)
Wij ploegen voort,
en torsen de jaren mee op onze zwakke rug,
Door uitgestrekte velden,
vol van geschiedenis.
We dragen verf en linnen mee
over de grasvelden,
om zo een moment
van schoonheid te vangen.
We schrijven het op,
Wij, trotse dichters en geschiedschrijvers uit deze streken,
ons levend verleden vult onze gedichten met wijsheid.
Een oude vogel
vliegt over ons hoofd,
en stijgt boven de windmolen van onze dromen uit
Zijn snavel wijst naar de verre schuur,
en laat ons
de oude wonden zien.
Telkens weer
dragen wij lijden met ons mee,
zo nodig 850 keer
om
te vieren,
te kunnen
dansen
door
de smalle straten
van dit dorp
vol van
herinneringen
aan wrede oorlogen,
aan de doden
en nieuwgeborenen.
Toon mij de vreugde van bloemen,
Laat de klokken klinken,
En ik zal je
de littekens van de oorlog laten zien.
Maar laat ons vandaag
zingen
In onze oude kerk,
en lofzangen spelen
op dit zuivere orgel.
Met een liefde voor ons grootse erfgoed
die de dood trotseert ,
we zullen onze kinderen voeden,
De vreugde die in Haren
woont is in ons hart gesloten.
Haren, 1 oktober 2010 - Keith Armstrong
Laatste wijziging:
14 oktober 2010
